F. Verbonden partijen

Werkzaak

 

 

Werkzaak

Vestigingsplaats

Tiel

Rechtspositie

Gemeenschappelijke regeling

Doelstelling

De regeling is getroffen voor gemeenschappelijke behartiging van het streven naar een zo hoog mogelijke arbeidsparticipatie van de inwoners van de gemeenten en, indien nodig, het verstrekken van uitkeringen aan hen.
Het gaat m.n. om de uitvoering van alle taakonderdelen van de Participatiewet (met uitzondering van bijzondere bijstand).

Bestuurlijk belang

Het algemeen bestuur bestaat uit één lid uit de colleges per deelnemende gemeente. Het algemeen bestuur wijst uit zijn midden een voorzitter en plaatsvervangend voorzitter aan. De voorzitter van het algemeen bestuur is tevens voorzitter van het dagelijks bestuur. Het dagelijks bestuur bestaat, naast de voorzitter, uit twee leden, die worden benoemd door en uit het algemeen bestuur.

In de begroting staat welke bijdrage elke gemeente verschuldigd is ter dekking van alle kosten van het openbaar lichaam. Daarbij geldt als uitgangspunt dat de deelnemers er steeds zorg voor zullen dragen dat het openbaar lichaam te allen tijde over voldoende middelen beschikt om aan al zijn verplichtingen jegens derden te kunnen voldoen.
Het openbaar lichaam ontvangt van de deelnemers de volgende bijdragen:
a. de uitvoeringskosten, daaronder begrepen de kosten van leningen en andere verstrekkingen die voortvloeien uit de uitvoering van wet- en regelgeving.
b. het Participatiebudget van de Participatiewet (inclusief middelen voor WSW zittend bestand). Hierop brengen de deelnemers 5% van de middelen in mindering voor gemeentelijke participatietrajecten voor werkzoekenden groep 4.
c. het Inkomensdeel van de Participatiewet (inclusief loonkostensubsidies). Hierop brengen de deelnemers de ontvangsten uit vorderingen in aftrek.
d. een bijdrage als inleenvergoeding.

Betrokkenen

De gemeenten Buren, Culemborg, Geldermalsen, Maasdriel, Neder-Betuwe, Neerijnen, Tiel en Zaltbommel.

Risico’s

Het weerstandsvermogen van Werkzaak Rivierenland is de financiële buffer om gevolgen (kosten) van risico’s, die zich mogelijk gaan voordoen en nog niet op een andere manier zijn afgedekt, op te kunnen vangen. De financiële gevolgen van risico’s kunnen zowel incidenteel als structureel zijn. De hoogte van het weerstandsvermogen wordt bepaald door het risicoprofiel van Werkzaak Rivierenland en de kaders die het bestuur stelt. Artikel 30 van de GR schrijft voor dat het weerstandsvermogen maximaal 3% bedraagt van de jaarlijkse exploitatielasten. Per 2020 is dat een bedrag van ongeveer € 93,3 mln. waarmee het plafond voor het weerstands-vermogen op dat moment ca. € 2,8 mln. bedraagt. Het weerstandsvermogen in 2020 bedraagt ca. € 1,1 mln. Hiertegenover staat een totaal aan geïnventariseerde netto-risico's van € 3,05 mln.

Een aantal van de belangrijkste risico’s zijn:

  • verandering van rijkswetgeving
  • conjunctuurgevoeligheid
  • krapte arbeidsmarkt
  • robotisering en digitalisering
  • kwetsbaarheid door veranderingen ICT
  • toename problematiek doelgroep vraagt meer begeleiding
  • omzetdoelstelling
  • eigen risico ww

Relatie met programma's

2. Sociaal Domein "Tiel kan meer"

Financieel belang
(x € 1.000)

Begrote (1)
bijdrage 2020

Begrote (1)
bijdrage 2019

Begroot
Eigen vermogen

Begroot
Vreemd vermogen

31-12-2020

31-12-2019

31-12-2020

31-12-2019

6.910

5.368

nb

nb

nb

nb

(1) conform begrotingen van Werkzaak Rivierenland